Gezond gehecht én zelfstandig, zo doe je dat!

Kan jouw kind op jou vertrouwen?Waarom doe jij zo moeilijk over crèches? Hoezo wil jouw kind niet bij Sinterklaas op schoot zitten, is toch leuk?! Waarom laat je je baby niet gewoon even in zijn bedje boven huilen, als hij moe genoeg is valt hij zo in slaap. Zit je niet een beetje te veel op je kinderen? Geef je ze wel genoeg ruimte om zelfstandig te worden?

Komen dit soort vragen je bekend voor? Het zijn vragen die mij gesteld worden, waar ik zo diplomatiek mogelijk op probeer te antwoorden. Van binnen vraag ik me af: waarom is een natuurlijke hechting voor ons westelijke mensen zo onnatuurlijk geworden?

Steen, plant, dier en mens

Een stukje antroposofie in een notendop: Steen, plant, dier en mens; 4 unieke werelden. Een plant is geen steen, een dier is geen plant en een mens is geen dier. Stenen zijn alleen materie, planten zijn levende materie, dieren bewegen zich daarbij nog voort en overleven door hun instincten. De mens onderscheidt zich van de dieren doordat de mens in staat is bewust te denken, te voelen en te handelen: de mens is een moreel wezen.

In het kleine kind is onze band met de dierenwereld nog heel zichtbaar, het is namelijk nog niet bezig met beschaving, moreel besef en bewust leven. Eigenlijk is het geen ‘rocketscience’ om te zien wat de basisbehoeften zijn van ons kleintje; het kind geeft het namelijk vanuit het instinct luid en duidelijk aan! Een baby heeft warmte nodig, voeding nodig, een onstilbare hoeveelheid liefde en omhulling én een mens als voorbeeld om ook zelf mens te kunnen worden.

Kinderen kneden tot brave zelfstandige burgers

In de geschiedenis hadden mensen nog wel eens andere ideeën over wat een baby nodig had. Eeuwenlang zat de kennis diep verankerd in de ouders en de gemeenschap om het gezin. Het ging daarbij meestal van nature goed. Maar met de opkomst van de industrialisatie en de wetenschap, werd het leven opeens anders en meenden wetenschappers dat het anders moest. Vanuit de psychologie ontstond het behaviorisme, een stroming die vooral naar het gedrag keek en hoe je gedrag kan veranderen. Kinderen moest men kneden tot brave burgers en ze moesten zo snel mogelijk zelfstandig worden door zo min mogelijke affectieve binding.

Intussen is men gelukkig wijzer. Fysiek straffen is verboden, straf en beloning staan in de schijnwerpers en een goede hechting is bewezen noodzakelijk. (Wat een veilige- of onveilige hechting precies inhoudt, lees je onderaan dit artikel.)

Gaan een goede hechting en zelfstandigheid samen?

kindje troostenGoed gehecht zijn, teveel gehecht zijn, zelfstandigheid trainen in de kinderopvang, tranen als bewijs voor goede hechting; het zijn regelmatige terugkerende thema's bij ouders. Maar bestaat er werkelijk een mogelijkheid dat een kind té veel gehecht is? Staat hechting een goede ontwikkeling tot zelfstandigheid in de weg?

Het antwoord luidt: “Nee!”

De gedachte dat je té gehecht kan raken is heel hardnekkig en berust op achterhaalde, bovenstaande behavioristische theorieën. Een kleine die graag bij de ouders slaapt, veel in de armen van de ouders wil zijn, bij elke keer dat het echt huilt getroost wordt en graag bij de ouders in de buurt speelt is natuurlijk. Een peuter die zich verstopt in moeders rokken, een kind dat niet graag iemand anders aankijkt of een hand geeft en een kind dat niet uit logeren wil, vertonen gezond gedrag. Echt waar!

Ontwikkeling zelfstandigheid

Zelfstandigheid en hechting bijten elkaar namelijk niet. Zelfstandigheid is de gezonde ontwikkeling die juist ontstaat uit een gezonde hechting. Zelfstandigheid is een ontwikkeld gevoel van zelfvertrouwen. Kinderen vanaf een jaar of twee/drie, die zich goed hebben kunnen hechten, zijn geheel van nature, geïnteresseerd in andere mensen en durven het aan alleen de wereld te ontdekken.

En nu komt de kunst: aanmoedigen en niet tegenhouden! Laat je kinderen uitvliegen, durf te kijken zonder in te grijpen, vertrouw je kinderen dingen toe. Ga niet bovenop je kind zitten, maar durf los te laten. Vanwege de liefdevolle binding met jou, kunnen ze het nu stap voor stap alleen!

Instinctief ouderschap

SamenslapenOns gevoelsoor voor het instinct is er nog, we moeten alleen weer leren luisteren naar wat het ons zegt. Ouders weten vaak dondersgoed wat natuurlijk gezond is. Kinderen die zomaar op schoot gaan bij een vreemde of kinderen die huilend achter gelaten worden in de crèche; ons instinct weet wel beter! We worden vaak onzeker door de duizenden meningen om ons heen. Ouderwets feminisme, politiek pushen, financiële behoeften en materialistisch meedoen maken het ook niet makkelijker.

En toch is het zo ongelooflijk belangrijk dat we weer leren luisteren naar de natuur van onze kinderen. Kinderen hebben een overlevingsinstinct en passen zich dus enorm snel aan. Een kind leert snel dat huilen niks oplevert, dat het hele dagen moet wachten op zijn ouders, dat het op vreemde moet vertrouwen. De niet direct zichtbare stress en de niet ontspannen hechting zetten zich echter wel degelijk vast in de hersenen. Het zal een levenslange blauwdruk zijn voor deze opgroeiende mens.

Gelukkig hebben we de moderne wetenschap aan onze zijde. Steeds meer komt naar voren wat niet goed was en waar we als maatschappij aan moeten werken. Ik wens dat we daar gezamenlijk voor wakker worden; in liefde voor onze kinderen.

 

Meer lezen:
De ontwikkeling van de opvoeding en het gezin. Hoe doen we dat nu en hoe kan het beter?
Modern feminisme: ouders delen fulltime ouderschap.

Alarm! Het gaat niet goed met onze kinderen.

Klik op het plusje voor een uitleg over hechting:

Hechting

Hechting

Hechting is de duurzame affectieve verhouding tussen een kind en de ouders en is essentieel om op te kunnen opgroeien tot een sociaal-, emotioneel gezond mens. John Bowlby (1907 – 1990) is de grondlegger van de hechtingstheorie.

Hechting gaat niet om het voorzien van basisbehoeften zoals eten en drinken, kinderen raken gehecht aan slecht een zeer select groepje mensen dat responsief, intiem en sociaal contact maakt met het kind. Een kind kan zich alleen veilig hechten als het niet door te veel verschillende personen verzorgd wordt. Kinderen die onveilig gehecht zijn, kunnen dat vanaf hun +/- 6de levensjaar niet meer herstellen.

Onveilige hechting

Veilig gehechte kinderen ontdekken de wereld in een zelfde soort patroon: op ontdekking uitgaan, terug naar de ouders als het spannend wordt, gerustgesteld worden en weer opnieuw op ontdekking. Onveilig gehechte kinderen daarentegen hebben geen vertrouwen in zichzelf en in anderen. Dat heeft tot gevolg dat het kind minder nieuwsgierig is voor zijn omgeving, wat een direct gevolg heeft op de cognitieve ontwikkeling. Daarbij is het voor onveilig gehechte mensen moeilijk om zich te binden.

Er zijn verschillende vormen van onveilige hechting:

1. Onveilig vermijdend gehecht: Als een kind veel verschillende opvoeders heeft of te weinig wordt gezien door zijn ouders, kan het een vermijdend gehecht raken. Het kind is een allemansvriend, gedraagt zich heel zelfstandig, maar heeft geen vertrouwen in zijn opvoeders en vermijd met hen werkelijk contact.

2. Onveilig afwerend gehecht: Kinderen die te weinig of op verkeerde momenten aandacht krijgen van de opvoeders of als de opvoeders heel onberekenbaar zijn, kunnen afwerend gehecht raken. Het kind zoekt naar contact van de opvoeders, vaak op een zielige, claimende manier. Krijgt het kind contact, dan weert het dat ook vaak weer af; heel tegenstrijdige signalen dus.

3. Gedesorganiseerd gehecht: Als kinderen verwaarloost, misbruikt of mishandeld worden raken ze gedesorganiseerd gehecht. De opvoeder is bescherming en gevaar tegelijkertijd. Dat maakt het kind angstig en erg in de war.

Geremd en ontremd gehecht

Onveilige hechting zou je ook kunnen onderverdelen in geremd gehecht en ontremd gehecht. De signalen daarvoor zie je hier:

Geremd gehecht: Opvallend waakzaam, terughoudend, reageert afwijzend op sociale toeneiging, apathisch, onzeker, huilt niet, kind speelt met te weinig plezier.

Ontremd gehecht: Allemansvriend, kan relaties niet in stand houden, snel gefrustreerd, grensoverschrijdend, impulsief, niet goed te troosten, leert weinig uit ervaringen, is erg op zichzelf gericht, is druk en ongeconcentreerd.

Hechtingsstoornis versus hechtingsproblematiek

Veel onder ons (25% tot 30%) hebben een hechtingsprobleem. Slechts een klein percentage (1%) heeft werkelijk een bijna onbehandelbare hechtingsstoornis. Een hechtingsstoornis ontwikkel je als er geen mogelijkheid is geweest om je vanaf de geboorte te kunnen binden.

Hechtingsproblemen ontstaan als ouders weinig sensitief zijn voor de behoeften van het kind, als ouders zelf onveilig gehecht zijn, als ouders onverwerkte trauma’s hebben of psychische problemen. Ook kan te veel stress, relationele problemen of wisselende relaties van de ouders invloed hebben op het ontstaan van een onveilige hechting van het kind.
Kinderen met handicaps, pleeg- of adoptiekinderen, couveuse kinderen of huilbaby’s hebben een verhoogde kans op een onveilige hechting.

Geplaatst in Elke dag een mamadag, Opvoedvraagstukken en getagd met , , , , , , , , , , , .

Eén reactie

  1. Pingback: Ons falende onderwijssysteem - Zo leren kinderen wel! | Everyday Mommyday

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *