Verbale opvoeding in de eerste kinderjaren

Moeder verklaart aan het kind de wereldIs het je wel eens opgevallen dat wij ouders met jonge kinderen vaak leiden aan een soort uitlegdrift? Mij wel en ja ik doe het ook! In dit artikel zal ik proberen uit te leggen waarom een kind de wereld eerst mag ‚grijpen‘, voordat het de wereld kan begrijpen. 

Een wereld in woorden

Bij ons thuis merken we dat we met onze veel vragende jongetjes de neiging hebben veel uitleg te geven op de alsmaar komende vragen. We willen onze kinderen ook niet voor dom houden!
Maar vaak zitten mijn man en ik in de avond op de bank en bespreken we in hoeverre het nou nodig was om uit te leggen hoe de motor van een auto werkt of waarom de zon een vuurbol is die onze huid kan verbranden. 

En luister maar om je heen: een 1 jarig kind krijgt uitgelegd hoe zijn blokkendoos functioneert, een 2 jarige leert alles over boomsoorten, een 3 jarige weet al wat biologisch voedsel is, een 4 jarige leert op school dat de aarde rond is en een 5 jarige weet al dat de maan niet schijnt, maar het licht van de zon reflecteert. 

Zou er een kans bestaan dat we onze jonge kinderen gewoon teveel uit willen leggen? Ik denk van wel. En eerlijk is eerlijk, veel ouders met mij, leiden een beetje aan dit diepgewortelde uitleg syndroom. 

Met de handjes in de modderHoe leert een kind?

In welke wereld leeft het kleine kind eigenlijk? Leeft het in die wereld waarin het alles uitgelegd wíl krijgen zodat het via de woordenzeëen en het verstand kan leren of leeft het in een zintuigelijke wereld waar het door ervaringen wil leren?

Kijk eens naar een pasgeboren baby. Het kleintje in je armen leert niet door wat je het zegt, het leert door de ervaringen, door de ontwikkeling van zijn lichaam en door de intentie achter onze handelingen.
Niet veel anders is het bij een peuter. Hoe wijs een kind ook kan spreken, vaak zijn verbale situaties te overweldigend voor het kleine kind. Denk aan de driftbuien, die zijn de uiting voor emotioneel- en cognitief onvermogen. Praten en overtuigen met het verstand werkt daarbij averecht.

Boeiend is om te kijken naar wat er gebeurt in de waarom-fase. Veel ouders willen de vragende kinderen uitgebreide antwoorden geven. De meeste kinderen echter, zitten daar helemaal niet op te wachten en beginnen te draaien of luisteren, tot frustratie van de ouders maar met een half oor. Meestal is de vraag slechts een toenadering. Een kort antwoord is voldoende want het kind is gezien en daar ging het uiteindelijk om.

Zelfs in de kleuterklas leren kinderen nog het beste door het vrije spel, de ervaringen en het nabootsen. Niet dat wat je zegt, maar dat wat je doet laat het kind groeien. Het kind kan zich aan de hand van jouw voorbeeld ontwikkelen.

Alle goede bedoelingen terzijde, want we kunnen vaststellen dat een klein kind nog niet via het intellect leert. Het enige wat een kind van onze woordenovervloed echt leert, is zelf te praten en praten en praten… Praten is vaak van bovenaf en inactief; het is goed onszelf er bewust van te zijn dat die houding ons voorbeeld is. 

De eerste 7 kinderjaren

Als je vanuit antroposofisch oogpunt kijkt naar de ontwikkeling van mensen, dan is er telkens een 7 jaars cyclus waarin de mens zich op een bepaald vlak, versterkt ontwikkelt. Van kleinkind, naar schoolkind, puber, volwassen en zo door tot het einde van het leven. 

In de eerste ongeveer 7 jaren is het kleine kind vooral bezig met het voltooien van het fysieke lichaam. Na 9 maanden intensieve fysieke vorming in de baarmoeder, groeit het kind buiten het lichaam van zijn mama intensief, fysiek door. Alle energie gaat die eerste jaren naar het lijfelijke groot worden, het behouden van de lichaamstemperatuur, het verteren van vast voedsel, het leren lopen, de fysieke grenzen, klimmen, enz. Allemaal processen die het lichaam onbewust of al nabootsend leert.

Heerlijk buiten in de natuurEen sterke basis voor het intellectuele denkvermogen.

Een optimaal ontwikkeld zenuwstelsel heb je nodig als basis voor intellectuele vaardigheden. Door te vroeg een kind intellectueel aan te spreken, onttrek je energie die eigenlijk nodig is voor de ontwikkeling van het fysieke lichaam. Juist in die eerste pakweg 7 jaren is het zo belangrijk dat alle energie, alle ervaringen, alle voorbeelden de ontwikkeling van het fysieke lichaam ondersteunen. 

Het is zelfs zichtbaar. Als je goed naar kinderen kijkt zal je kunnen zien dat kinderen die vrij spelen, zingen, veel buiten zijn en mogen gedijen op een dagritme en rituelen, blozen van levenskracht.
Het kind dat te veel stilzit, veel tv kijkt, heel veel weet, maar in de praktijk vaak veel dingen niet kan, is helaas een niet zelden voorkomend beeld. Deze zeer intellectueel gevoede kinderen hebben de neiging vaker bleek te zijn, hyper te worden, vaker ziek te zijn en minder zelfstandig en nieuwsgierig in het ontdekken van de wereld. 

Slimme kinderen de wonderen laten beleven

Natuurlijk zijn er altijd die slimme koppies, die maar vragen blijven stellen. Het is belangrijk die wakkerheid te erkennen en te bewonderen. Kinderen die intellectuele stappen nemen moet je niet remmen, dat frustreert. Het is niet nodig het intellectuele extra te stimuleren; zorg dat dit soort kinderen genoeg spelmogelijkheden krijgen waar ze in kunnen wegdromen. Juist deze kinderen zijn extra gebaat bij het spelen in de natuur of het maken van kinderkunstwerken. 

En als een kleuter je vraagt waar de wind vandaan komt, kan je ook het verhaal van hoge- en lagedrukgebieden achterwege laten. Stel een vraag terug of bevestig de vraag. Het is een kunst om zo te reageren dat er voor het jonge kind nog een stukje van het raadsel overblijft. 

Want ja, waar zou de wind thuis zijn? (Kan jij nog dromen?)

Geplaatst in Elke dag een mamadag, Opvoedvraagstukken en getagd met , , , , , , , .

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *